Het Landschap aan het woord
'n Werkelijkheid
Laat ik het niet dramatiseren maar wat een pretentie hebben mensen toch. Alsof ze iets van mij zouden weten, begrijpen, laat staan voorspellen. Want dat gebeurt voortdurend door iedereen en op elk moment. Mensen studeren erop, schrijven erover, maken wetten. Ze doen maar wat, want weten ze nu echt? Zandkorreltjes in de woestijn, waterdruppeltjes in de oceaan. Zoiets.
Een foto. Een uit de categorie 'geen geweldige foto'. Een foto laat de werkelijkheid zien. Van dat moment, vanuit die hoek, met dat licht en die uitsnede. Het had op dat moment ook een heel andere foto kunnen zijn. Maar alla, deze foto dus.
Die foto bestaat uit oneindig veel pixels, onderdeeltjes die allemaal informatie bevatten en samen het beeld vormen. Als je de resolutie maar hoog genoeg zet dan houdt het aantal pixels niet op. Het zijn de zandkorreltjes of de waterdruppeltjes. Een uitsnede wordt onherkenbaar, maar is op hetzelfde moment een stukje werkelijkheid, de werkelijkheid van de foto.
Dit is dus een foto, de pixels van een foto. Maar je kunt ook de andere kant op redeneren. Er zijn zoveel foto’s, zoveel werkelijkheden dus. Het houdt niet op. Als je de foto’s die een mens neemt over een paar jaar bijeen ziet dan worden al die foto’s samen pixels. Een screenprint van een stukje scherm. Die van het bos zit erbij. Geabstraheerde werkelijkheden.
Als landschap ben ik dus voor iemand een foto, een van oneindig vele, opgebouwd uit die oneindige pixels.
Om het wat oneerbiedig te zeggen, hoe maakt een mens daar soep van? Ik kan het maar niet vatten.
Maar voor je denkt dat alles ‘waarheid’ is. Zo is het niet bedoeld. Mensen komen telkens net wat verder met begrijpen en voorspellen door te onderzoeken en alle zandkorrels en waterdruppels als pixels bij elkaar te zetten. Dat geeft een beeld, soms is het een model, the best possible outcome.
Daar moeten we het mee doen. Ga zo door.
Gerard Hendrix