Het Landschap aan het woord
het Witte Landschap
Veel fantasie gebruiken jullie mensen niet als je het over het landschap hebt. Het landschap is altijd en eeuwig het landschap dat je kent. Het landschap zoals het in je leven geworden is. Vreemd is dat. Terwijl het toch duidelijk is dat ik iemand ben van de hele lange duur, van jaren, eeuwen. Processen van landschapsvorming zijn eindeloos. Als mens kunnen jullie blijkbaar nog net overzien wat je grootouders hebben beleefd. Dat is alles lijkt 't wel. Eerder, wordt overgelaten aan historici en geologen. Met de toekomst is het trouwens niet anders: die laten jullie het liefst over aan ‘workshops’ waarin deskundigen elkaar opjagen in het fotoshoppen van plaatjes voor de toekomst. Ze verbeelden die meestal in een aantal scenario’s. Vier, want een assenkruis heeft nu eenmaal vier kwadranten.
Wat me daarin opvalt in die verzonnen landschappen, is dat er nauwelijks een andere kleur rondloopt. Want, laten we eerlijk zijn: het Landschap hier in de IJsselvallei en eigenlijk overal buiten de stad is van de witte mens. Dat is de referentie. Hij is de maker, hij is de gebruiker. Bovendien, die witte mens is niet alleen wit maar vooral man en op leeftijd.
Misschien is dat ook wel de grootste tweedeling als je het hebt over het verschil stad en land. In de stad kom je iedereen tegen: alle kleuren en kleding. Op het platteland, zeker het diepe platteland en de kleine dorpen, verder weg van de stedelijke gebieden is Nederlands-wit de overheersende kleur. Een paar ongelukkige uitzonderingen daargelaten: de asielzoekerscentra, ver weg. Hier in de IJsselvallei hebben we er geen last van.
Dit las ik laatst: "Rhebergen, [een fotograaf die de klimaatverandering vastlegde] trok door de IJsselvallei en kwam in dorpen als Zalk, Okkenbroek, Boskamp, Olburgen. Daar sprak hij met bewoners. Hij fotografeerde hun omgeving, hun huizen, henzelf. Hem trof het grote verschil tussen de deskundigen, die dagelijks met de dreiging van zeespiegelstijging bezig zijn, en de bewoners, voor wie het „als iets heel ver weg is en bovendien overkoombaar”. Rhebergen: „Er zijn zelfs mensen die het ontkennen, of die de rol van de mens in twijfel trekken.” Het viel hem op dat bewoners eerder bezig zijn met de instroom van mensen uit de Randstad, en als gevolg daarvan culturele veranderingen vrezen." (NRC 30-12-2022)
Dus mensen van buiten zijn het probleem.
Bij die workshops waar de toekomst in kaart werd gebracht, hoorde ik vroeger nog wel eens over gastarbeiders, dat ze veelal uit rurale gebieden kwamen en een agrarische achtergrond hadden. Ze zouden zich zonder moeite kunnen aanpassen en zich thuis gaan voelen op het platteland. Helaas, veel meer dan een volkstuin, walnoten rapen, molsla steken, een halal slager of de goedkope groentehal heeft de allochtone voormalige boer & boerin niet van ons platteland meegekregen.
Want er is nog iets anders aan de hand. De schaal van opereren ten plattelande is behoorlijk dominant en past voorlopig vooral in dat witte denkraam. Het is groot, groter en grootst. Kavels, gebouwen en infrastructuur worden, als we de scenariotekenaars bezig zien, steeds overweldigender.
Misschien, denk ik nu, heeft ‘wit’ wel een andere betekenis dan alleen die blanke huidskleur. Ik, het Landschap ben anders-wit. Het landschap is niets meer, is opgelost.
Het moet anders. Ik draag niet langer al die referenties mee en maak me op voor de toekomst. Maar dan inclusief en gastvrij. In gebruik bij iedereen, nieuwe meentes, veelkleurig. Alles kan, alles mag tot er een nieuw evenwicht komt. Want het Landschap is van iedereen.
Gerard Hendrix